blog
Nieuws #124
18/07/2018

In de nieuwe Filmkrant staan twee lange stukken van mijn hand: over regisseur Billy Wilder, naar aanleiding van het Wilder-retrospectief deze zomer in EYE, en over vrouwenvriendschappen in films. Dat laatste staat in de Filmkrant/See All This-special over de blik van de vrouw, in het hart van de Filmkrant. 

Je kan de Filmkrant meenemen bij het filmtheater, of online lezen. Lees hier mijn stuk over Wilder. De special met mijn stuk over vrouwenvriendschap is als pdf te lezen.



'Vooral zijn personages kon Billy Wilder vatten in een enkel onvergetelijk beeld. [-] Een man kijkt in een gebroken zakspiegeltje. Dwars over zijn gezicht loopt een grote barst. In The Apartment (1960) speelt Jack Lemmon C.C. Baxter, de ultieme schmuck. Het moment dat hij in het spiegeltje kijkt, ongeveer op de helft van de film, is om verschillende redenen veelzeggend: het verraadt een wending in de plot, maar zegt ook iets over het wezen van de film en zijn hoofdpersoon. Baxter moet leren voor zichzelf op te komen. Maar voordat hij de mensen die over hem heen lopen kan confronteren, moet hij eerst de confrontatie aangaan met zichzelf.'

'In Ace in the Hole (1951) doemt een gespannen gezicht op in het donker, van onderen verlicht door een lantaarn. Dit is de gewetenloze journalist Chuck Tatum (Kirk Douglas), die afdaalt in de ingestorte tunnel die naar het hart van een berg leidt. Buiten staat een stralende zon aan een wolkeloze lucht maar hierbinnen is het pikdonker.'

'In Frances Ha (Noah Baumbach, 2012) mijmert het titelpersonage over de ideale vriendschap. Jullie zijn op een feestje, schetst ze, allebei in gesprek met iemand anders. Dan vinden jullie elkaars blik. Die blik is niet bezitterig of seksueel geladen, die blik betekent dat jullie bij elkaar horen. “And it’s funny and sad”, zegt Frances, “but only because this life will end.” De ideale vriendschap is als een geheime wereld, waar niemand iets van afweet.'



Nieuws #123
22/06/2018



Voor De Groene Amsterdammer schreef ik recent over drie boeken van jonge vrouwen over seks (Vuile lakens, Soms is liefde dit en Seks voor iedereen) en over Valeska Grisebachs fantastische film Western.

Verder liggen er op dit moment nieuwe nummers van de Nederlandse Boekengids en See All This in de winkel. Voor de Boekengids schreef ik een lang essay over Paul Thomas Andersons The Phantom Thread, die ik daarin naast Psycho en het sprookje Ezelsvel leg. Dit nummer van See All This gaat geheel over de vrouw. Voor de bijgevoegde Filmkrant-special schreef ik over vrouwenvriendschappen in films. 



Nieuws #122
31/05/2018

Voor De Groene Amsterdammer schreef ik over de films van Bruno Dumont, met name Jeannette, Hors Satan en Hadewijch. 

Lees hier, of hier op Blendle.





Overigens schreef ik recent ook voor De Groene over de voorstelling Hyena en de documentaire The Artist & the Pervert (beiden te zien tijdens het Holland Festival) (lees hier) en over de film Tully en de rol die moederschap speelt in de films van scenarioschrijver Diablo Cody (lees hier). 



Nieuws #121
05/04/2018

Recente dingen:

1. Hollands Maandblad publiceerde een nieuw verhaal van mij, Dierentuin. Lees hier een fragment.

2. Voor de Filmkrant schreef ik een lang stuk over Lady Bird. Lees het hier.

3. Dana Linssen was deze maand te gast in de Schokkend Nieuws Podcast en praatte met Tim, Julius en mij over het fenomeen "post-horror". Luister hier. Hier vind je ook de vorige 21 (!) afleveringen.



Nieuws #120
29/03/2018



Voor De Groene Amsterdammer schreef ik over Catherine Lacey's roman De antwoorden, en over Zama, de nieuwe film van Lucrecia Martel.

Lees hier over De antwoorden. (Of hier, op Blendle.)
Lees hier over Zama. (Of hier, op Blendle.)



Nieuws #119
28/02/2018



Komende zondagnacht zit ik weer in het panel tijdens de Cineville Oscarnacht in De Balie. 
Dit schreef ik eerder over enkele van de genomineerden:

Over o.a. Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (beste film, beste actrice, twee keer beste mannelijke bijrol, beste scenario, beste montage, beste score), Lady Bird (beste film, beste actrice, beste vrouwelijke bijrol, beste regie, beste scenario) en Blade Runner 2049 (beste camerawerk, beste geluidsmontage, beste geluidsmix, beste productiedesign, beste visuele effecten) schreef ik in mijn artikel over vrouwenrollen in filmjaar 2017 voor De Groene Amterdammer.

'De twee belangrijkste vrouwenrollen uit Blade Runner 2049 (Denis Villeneuve) passen precies in de twee clichés die [Marjorie] Rosen in [Popcorn Venus] beschrijft. Luv, een androïde, is inslecht. Joi, een gezelschapshologram, is docieler dan een huisdier. Dat Joi wordt opgevoerd als love interest van de mannelijke hoofdpersoon, die als haar koper en eigenaar de absolute spil is van haar hele zijn, is problematisch, of op z’n minst pijnlijk om naar te kijken. Luv – gedreven, taai, sterk als een os – is het interessantere personage. Maar ook zij handelt niet uit eigen motieven; ze volgt de bevelen op van haar schepper – een man.'

'De belangrijkste Golden Globes werden uitgereikt aan films en televisieseries met een vrouw in de hoofdrol. Viervoudig winnaar Three Billboards Outside Ebbing, Missouri van Martin McDonagh, die eerder geen interesse toonde voor vrouwenrollen, stelt een uitzonderlijk gecompliceerde vrouw centraal. Mildred (een bekroonde rol van Frances McDormand) komt in actie tegen de plaatselijke politie omdat er geen schot zit in de zaak van haar dochters moord. Mildred is keihard, een vrouw gedreven door woede. Maar ze is ook grappig, cool, onbevreesd. Feilbaar, beschadigd en onredelijk. Ze is levensecht en intrigerend, ongeacht haar gender. Maar hoe interessant Mildred ook is, ze is de enige vrouw in een mannenfilm.'

'
Ze heet Christine maar noem haar Lady Bird, thank you very much. In Greta Gerwigs gelijknamige regiedebuut zien we hoe Lady Bird (Saoirse Ronan) anno 2002 volwassen wordt in saai Sacramento. De aanstaande overgang van high school naar college zet haar coming of age onder druk; het vooruitzicht van afscheid nemen en opnieuw beginnen werkt als een snelkookpan. Gerwig, die tevens het scenario schreef, schetst Lady Bird aan de hand van de relaties die ze aangaat. Op hun beurt suggereren ook die personages – vrienden, vriendjes, familie, klasgenoten en docenten – allemaal een peilloze diepte. Maar de film begint en eindigt met haar moeder. Het is die relatie die Lady Bird maakt tot wie ze is. In de kleinste ruzie tussen Lady Bird en moeder Marion (Laurie Metcalf) resoneert een complete geschiedenis van schaamte, genegenheid, onbegrip en afhankelijkheid. Lady Bird, een film over de complexiteit en tegenstrijdigheid van menselijke relaties, krijgt een vinger achter het wezen van familiebanden. Hij laat voelen hoe het wringt om tegelijkertijd hetzelfde en verschillend te zijn, om bij elkaar te willen horen en weg te willen komen.
Lady Bird is een kleine film: gemaakt met een laag budget, uitgebracht door een onafhankelijke studio en vertoond in een beperkt aantal Amerikaanse bioscopen. Maar van alle kleine films van 2017 is Lady Bird het grootst: hij verkocht de meeste kaartjes (nu al meer dan de Oscar-winnaar van vorig jaar, Moonlight) en brak het record van website Rotten Tomatoes met het hoogste aantal positieve recensies ooit. Lady Bird won de Golden Globes voor beste komedie en beste actrice in een komedie. Gerwig werd genomineerd als scenarioschrijver, maar niet als regisseur. De regisseurscategorie was voor het zoveelste jaar op rij ‘all-male’, zoals actrice Natalie Portman niet naliet op te merken bij het uitreiken van de prijs.
Lady Bird is een kleine film. Wat de film zo goed maakt, zit ’m niet in de grote gebaren maar in de details. In de aandacht en liefde die Gerwig erin stopte. Te vaak wordt artistieke ambitie alleen herkend in kunst die van de daken wordt geschreeuwd. Gerwigs ambitie is subtieler, haar werkwijze genuanceerder. Met precisie blies ze haar personages leven in, mat ze haar dialogen af, bouwde ze steen voor steen een levensechte wereld op. Willen we meer vrouwelijke makers, dan moeten we herdefiniëren wat een film precies goed maakt. Willen we meer complexe vrouwelijke personages, dan moeten we erkennen dat een actieheldin stoer én meisjesachtig kan zijn, halfnaakt en tóch geen prooi van de mannelijke blik.'

Over Call Me by Your Name (beste film, beste acteur, beste scenario, beste liedje) schreef ik dit stuk, voor De Groene Amsterdammer.

'Luca Guadagnino, de Italiaanse regisseur die eerder verantwoordelijk was voor de weelderige, maar ook wat theatrale psychologische drama’s Io sono l’amore (2009) en A Bigger Splash (2015), maakte met Call Me by Your Name juist een heel ongekunsteld liefdesdrama. Centraal staan de geliefden Elio en Oliver, die een halve film nodig hebben om aan elkaar toe te geven. Call Me by Your Name, gebaseerd op de gelijknamige, veelgeprezen roman van André Aciman uit 2007, is een liefdesgeschiedenis larger than life. Het is een allegorie van verliefdheid, met personages die direct iconisch aanvoelen, niet in de laatste plaats omdat ze versmelten met de acteurs die hen gestalte geven. Timothée Chalamet – dromerig en donker, met het soort gezicht dat Caravaggio graag had geschilderd – speelt Elio. Armie Hammer – groot, blond en all American – vertolkt de zeven jaar oudere Oliver.'

Over I, Tonya (beste actrice, beste vrouwelijke bijrol, beste montage) schreef ik in mijn stuk voor Cineville, over de titelrollen in I, Tonya, Hannah en Ava.

'Tonya Harding heeft lak aan doen alsof. Waar Hannah conflict uit de weg gaat, daar gaat Tonya juist vol voor de confrontatie. De Amerikaanse kunstschaatsster, die in de 90s wereldberoemd werd om all the wrong reasons, laat het er niet op zitten als haar driedubbele axels niet op waarde worden geschat. In I, Tonya, de film over de mens Tonya Harding én het schandaal dat het einde van haar schaatscarrière zou betekenen, zien we haar keer op keer verhaal halen bij de jury. Waarom zijn haar cijfers zo laag als haar kür zo briljant is? Een jurylid vat het kernachtig samen: ‘You refuse to play along.’ Want om de top van het Amerikaanse kunstschaatsen te bereiken moet je niet alleen goed zijn, je moet ook fatsoenlijk zijn. Elegant en wholesome. Het toonbeeld van meisjesachtigheid. Maar Tonya, met haar zelfgemaakte pakjes, blauwe nagellak en heavy metal-muziekkeuzes, doet het op háár manier. En wordt prompt uitgemaakt voor ‘trash’. In haar biopic mag ze gewoon zichzelf zijn, ook al is ze soms onmogelijk. Tonya is egocentrisch en onzeker. Ze maakt verkeerde keuzes en ze zegt nooit sorry. Maar hoe slecht ze ook wordt behandeld, ze is geen slachtoffer, niet van haar kleinerende moeder en niet van haar foute man.'

En Get Out (beste film, beste acteur, beste regie, beste scenario) werd besproken door mij en de rest van de Schokkend Nieuws Podcast tijdens onze eindejaarsaflevering.



Nieuws #118
12/02/2018

Voor De Groene Amsterdammer schreef ik over Call Me by Your Name, een film van Luca Guadagnino.

De zomer van 1983, 'ergens in Noord-Italië'. In een van de villa’s die hier zo nonchalant staan, te midden van het groen en de meertjes, de landweggetjes en de dorpspleinen, woont een Amerikaanse hoogleraar met zijn Europese gezin. Lange gangen met hoge plafonds, ruime tochtige kamers, luiken voor de ramen, een antiek waterbassin bij wijze van zwembad: dit huis heeft the works. In de avond wordt er verse vis geserveerd in de tuin, overdag pluk je zelf de abrikozen van de boom. In deze wereld ademt alles achteloosheid: de rondslingerende boeken, de Italiaanse natuur, de kunstenaars en denkers die worden genamedropt in alledaagse conversaties. Elio, de zeventienjarige zoon van het gezin, neemt in zijn zwembroek plaats achter de piano en speelt een moppie Bach. In het voor vier Oscars genomineerde Call Me by Your Name gaat er, achter al die nonchalance, iets heel wezenlijks schuil, zoals ook Elio’s onverschilligheid nauwelijks de loodzware ernst van zijn eigenlijke gemoedstoestand verhult: hij is verliefd.

Lees het stuk op de site van De Groene of via Blendle.



Bericht #43
15/01/2018

In opdracht van Cargo in Context schreef ik een tekst bij het werk Smoke and Mirrors van Maurice Bogaert. Het werd een tekst over holle steden, hieronder te lezen.



De geprojecteerde stad

Bruine stenen vormen stapels. De stapels vormen muren. De muren vormen huizen. De huizen: straten. De straten: een stad.
   Je legt je hand op een steen. CLOSE-UP VAN JE HAND. Je leunt tegen de muur. CLOSE-UP VAN JE GEZICHT.
   Het licht is anders hier, de stenen absorberen de warmte van de zon. Je doet je ogen dicht. In het donker achter je oogleden projecteer je de stad die gevormd wordt door straten, de straten gevormd door huizen, de huizen gevormd door muren, de muren gevormd door stapels en stapels en stapels van stenen.
   Je wil meer dan een stukje zien. Met je ogen dicht zie je het geheel, zie je alles.

In zijn roman ‘Onzichtbare steden’ voert de Italiaanse schrijver Italo Calvino twee personages op: Kublai Khan en Marco Polo. De eerste was keizer van de Chinese Yuan-dynastie, de tweede een Venetiaanse ontdekkingsreiziger, beroemd vanwege zijn reizen naar Perzië, Indië en China. In opdracht van de Mongoolse leider verkende Polo diens enorme rijk. Zijn bevindingen zou hij later optekenen in het boek ‘Il Milione’, of ‘De wonderen van de Oriënt’, Europa’s eerste kennismaking met Azië.
   Calvino’s ‘Onzichtbare steden’ roept een fictieve versie op van Marco Polo, en een fictieve versie van Kublai Khan. Het boek wordt gevormd door de verhalen die Polo aan Khan vertelt over de steden die hij tijdens zijn reizen bezocht, plaatsen die bij het keizerrijk horen maar waar Khan zelf nooit is geweest. De meest fantastische, de meest wonderbaarlijke steden worden opgetrokken uit Polo’s woorden, en geprojecteerd in de gedachten van de keizer. Langzaamaan realiseert Khan zich dat al die ongelofelijke steden precies dat zijn: ongelofelijk. Fictief. Onzichtbaar, ongrijpbaar. Ontsproten aan Polo’s verbeelding, aan zijn herinneringen en ideeën. Aan zijn heimwee naar Venetië.
   Werkelijkheid en fictie, verzinsel en idee, droom en interpretatie bouwen steden die groter zijn dan het leven zelf. In de “onzichtbare steden” van Marco Polo wordt de lucht vervangen door aarde of houden afstanden direct verband met gebeurtenissen uit het verleden; zijn steden volgestouwd met aanwijsborden, bevolkt door mysterieuze vrouwen of omgewoeld om diepgelegen waterbronnen aan te boren. Verbeelding stapelt steen op steen op steen en vormt steden die alleen bestaan in de woorden van een verhalenverteller en de beelden die ze oproepen bij zijn toehoorder.

Je loopt de straat uit. Je gaat de hoek om. De zon staat in je rug. Slagschaduwen snijden scherpe hoeken uit de stoep."
   Het is stil op straat, vreemd stil. Het licht is anders hier, vreemd anders.
   Je blijft staan. WIDE SHOT. Je legt je hand op een steen. CLOSE-UP. De muur is gedrenkt in het zwart van de schaduw."
   EXTREME WIDE SHOT. De straten zijn leeg.

Ik, Marco Polo in mijn eigen stad, fiets met mijn telefoon in de hand naar de rand van Amsterdam. Op het scherm van mijn telefoon zie ik dezelfde wegen als die voorbijgaan onder mijn banden. Het is een klein Amsterdam, fictief maar zo precies mogelijk weergegeven. Op de digitale weggetjes zie ik waar ik ben, waar ik net was en waar ik zo zal zijn: verleden, heden en toekomst weerspiegeld in vlakken, kleuren en lijnen.
   De auto’s gaan hard. Hier lijkt het fietspad een suggestie; een auto dijt achteloos uit over de witte lijn. Als ik afsla, verdwijnt het fietspad zelfs onverwacht onder de poten van een hek. Een auto vliegt de bocht om, ook hier gaan ze hard.'
   Ik neem de stoep. Ik ben gewend aan logische wegen, aan vertrouwde routes. Verwend met, kan je ook zeggen. In het fictieve Amsterdam op het scherm van mijn telefoon vordert het blauwe stipje. Het blauwe stipje ben ik.
   Een van de steden die Marco Polo schetst in ‘Onzichtbare steden’, is een stad die constant in aanbouw is. Zolang er wordt gebouwd, vertelt Polo, valt de stad niet in diggelen. Ik fiets precies zo’n stad in, een stad in aanbouw. Een stad waarvan je je kunt voorstellen dat constructie er dicht tegen destructie aan schuurt. Waar de huizen nog verborgen zitten in de lijnen maar waar de toekomst al op wordt geprojecteerd.
   Rechts doemt een blokkendoos van een gebouw op, imposant en bescheiden tegelijk. Dat bescheidene zit ‘m misschien wel in zijn vorm: vierkant. Er is iets ingetogens, iets nederigs aan het vierkant; alle zijden zijn gelijk.
   Ik ben er bijna.

Je hand ligt op een van de bruine stenen die een stapel vormen, die de muren vormen van de huizen, die de straten vormen van de stad. Je probeert – ogen dicht – nog steeds het geheel te zien. Niet alleen een stukje ervan, niet alleen deze ene bruine steen.
   Je klopt op de steen. CLOSE-UP VAN JE HAND. De steen is hol."
   Je loopt door. MEDIUM SHOT. Je ademhaling versnelt.
   Je slaat de hoek om en stapt de zon weer in. Ook hier is niemand. Ook hier is het licht anders – vreemd anders. Ook hier is de straat stil – vreemd stil.
   Je klopt opnieuw tegen een steen – de steen is hol. Je leunt tegen een muur – de muur is hol. De muur maakt geen huis. Is een straat zonder huizen wel een straat? En wat is een stad zonder straten?
   Wat zegt dit over het geheel?

Ik ben er. Het blauwe stipje zet zijn fiets weg en gaat naar binnen. Eenmaal binnen is er nog een binnen: een houten bouwsel zonder ingang, een werk getiteld Smoke and Mirrors.
   Eerst is er de buitenkant, de schelp. Ik loop, nederig als een vierkant, alle zijden gelijk, om de houten behuizing heen – een huis in een huis in een stad in een stad.
   Dan vouwt mijn blik zich om de hoek. Binnenin is een nieuw buiten, het zicht op weer een stad. Een stad in een huis in een huis in een stad in een stad. In deze stad trekken blinde muren scherpe lijnen, geven borden onbekende boodschappen door.
   Ik, blauw stipje, sta aan de rand van de stad en zie hoe het zoemt, hoe dag verandert in avond, en avond verandert in nacht, en nacht verandert in dag, en dag verandert in, et cetera. Ik zie hoe het doek valt in het theater. Want wat is deze stad anders dan theater?
   De stad staat te kijk.

Je rent nu, op hoog tempo door holle straten. WIDE SHOT. Wat zit er achter de muren? Waarvan zijn stenen gemaakt? Waar is de rand van de stad, en wat omzoomt de straten? EXTREME WIDE SHOT.
   Als je hier niet wegkomt, blijf je er wonen. Krul je je op – MEDIUM SHOT – in een stapel bruine stenen, dek je je toe – CLOSE-UP – met een stuk muur.
   Blijft de zon branden. Blijven de straten stil. Leef je in een kopie van de werkelijkheid – een geprojecteerde stad, een decor. En daarachter? Een idee. Een verhaal, en de beelden die dat verhaal oproept.
   De heimwee van een ontdekkingsreiziger. 



Nieuws #117
22/12/2017

1.

Voor De Groene Amsterdammer schreef ik over kunstenaar Charlotte Salomon (1917-1943). 

‘Lieve God, laat me alsjeblieft niet krankzinnig worden.’ Charlotte Kann roept het in kapitalen wanneer haar oma, mevrouw Knarre, na de aankondiging van een tweede wereldoorlog zelfmoord pleegt. In de nasleep flapt opa, meneer Knarre, er een lang bewaard familiegeheim uit: oma was niet de eerste die een einde aan haar leven maakte. De geschiedenis van de Knarres blijkt een aaneenschakeling van opiumoverdoses, verdrinking, verhanging en doodsmakken. Zelfs Charlotte’s moeder, die zou zijn overleden aan de griep, blijkt uit het raam te zijn gesprongen. ‘Grootvader’, zegt Charlotte, ‘ik heb het gevoel alsof ze de hele wereld opnieuw in elkaar moesten zetten.’ ‘Maak nou toch eindelijk een eind aan je leven’, antwoordt opa, ‘dan houdt dat gezanik tenminste op.’ Maar Charlotte ziet nog een andere manier om de gekte te bezweren: ‘iets heel waanzinnig bijzonders’ maken.

Lees verder op de site van De Groene Amsterdammer, of op Blendle.

2.

Aan Nooit Meer Slapen vertelde ik waarom Wonder Woman film van het jaar is, in het kader van de film-van-het-jaar-verkiezing van VPRO Cinema.

Luister hier terug. 



3.

Op de site van De Groene Amsterdammer vind je nu dertien filmartikelen op een rij, waaronder mijn stukken over Murder on the Orient Express, mother! en American Honey.

Lees hier.

4.

Op kerstavond organiseert Felix Het Grote Kerstmisverstand in Sexyland. Ik vertel daar over misverstanden in kerstfilms.

Lees hier meer.




Bericht #42
05/12/2017

Filmlijst 2017

1. Manchester by the Sea (Kenneth Lonergan)

2. Good Time (Josh Safdie / Benny Safdie)

3. Certain Women (Kelly Reichardt)

4. American Honey (Andrea Arnold)

5. Aquarius (Kleber Mendonça Filho)

6. Personal Shopper (Olivier Assayas)

Runners-up:

+ Wonder Woman (Patty Jenkins)
+ mother! (Darren Aronofsky)


Longlist:

  • The Party (Sally Potter)
  • The Square (Ruben Östlund)
  • Detroit (Kathryn Bogelow)
  • Loveless (Andrey Zvyagintsev)
  • Moonlight (Barry Jenkins)
  • Jackie (Pablo Larraín)
  • Baby Driver (Edgar Wright)
  • Get Out (Jordan Peele)
  • Un beau soleil interieur (Calire Denis)
  • Manifesto (Julian Rosefeldt)
  • The Beguiled (Sofia Coppola)
  • Daphne (Peter Mackie Burns)
  • Girls Trip (Malcolm D. Lee)
  • Split (M. Night Shyamalan)
  • Happy Death Day (Christopher Landon)
  • I Am Not Your Negro (Raoul Peck)
  • Daughters of the Dust (Julie Dash) (re-release; oorspronkelijk 1991)
  • Dunkirk (Christopher Nolan)
  • Free Fire (Ben Wheatley)



Oudere berichten